Smèèrt dè mar in oew haor

“Mag ik u deze shampoo aanbevelen?” vraagt de hoogblonde kapster beleefd, nadat ze mijn haar eens flink verwend heeft met het spul. “Dit is precies goed voor uw haar. Speciaal voor grove krullen, voedt het haar en geeft volume en veerkracht.” Ik ben onder de indruk, maar toch maar niet. Mijn haar gaat daar namelijk weinig profijt van hebben.

Vier stuks manvolk telt mijn huishouden en dat vind ik heerlijk. Behalve onder de douche. Daar staat, in het daarvoor bestemde mandje, een lila fles met vrouwelijke vormen speciaal voor krullend haar. Speciaal voor mij dus, want het krult alleen op mijn hoofd. Gek genoeg is die fles altijd leeg.

En dat terwijl er al die tijd van die speciale mannenshampoo stond. In een grote fles, zo’n robuuste, met bliksemschichten erop en zo. Een testosteronbommetje met ‘For men’ in grote zilverkleurige letters. Hij staat helemaal vooraan in het mandje ontzettend op te vallen. ‘Pak mij, pak mij!’ schreeuwt het hypermannelijke design, ergonomisch gevormd naar de mannenhand. Maar niet hard genoeg, want zelfs met hun ogen dicht, weten ze mijn fles makkelijker te vinden dan die schreeuwlelijk die vooraan zo de aandacht staat te trekken.

Dat moest anders. Eerst zette ik mijn lila flaconnetje na gebruik zo ver mogelijk achteraan in het mandje, in de hoop dat het zo uit het zicht van man en zoons zou blijven. Toen dat niet hielp beloofde ik dreigend dat iedereen die de fles nog één keer zou gebruiken, de volgende dag wakker zou worden met een kop vol blonde pijpenkrullen. Tevergeefs.

En dus deed ik wat een rechtgeaarde Tilburgse in zo’n situatie doet. Ik nam een watervaste stift, koerste richting badkamer en schreef met vinnige letters en in correct Tilburgs ‘Vur mèn’ op de fles. Wasgetekend: Esther/mama. Kijk, dat viel op. Maar of het zal helpen?

U kunt geen reactie plaatsen.